De syntaxis van de moderne krant
Het Grid

Het grid vormt de basis voor een overzichtelijke visuele infrastructuur. Het grid is de basisvorm van de krant. De inhoud verschilt van dag tot dag, het grid niet. Het grid is de enige vaste waarde van de krant en dat geld voor iedere krant. Want hoewel iedere krant er op het oog anders uitziet, is iedere krant opgebouwd op een onderliggend grid.

GridGrid

Het grid wordt gebruikt om de ruimte op de pagina in te delen in nieuwe ruimten. Binnen deze nieuwe ruimte krijgen de artikelen, illustraties en andere opmaakkenmerken hun plaats. Hieronder zullen we uitleggen hoe het lijnenspel van het grid in zijn werk gaat en hoe het er in de praktijk uitziet aan de hand van voorbeelden.

Het ontwerpen van een grid
Het gebruik van een grid is het design-principe dat de basis vormt voor de krant. Het grid is opgebouwd uit zowel verticale- als horizontale lijnen. Deze lijnen vormen de fundering. De lijnen zorgen ervoor dat de inhoud in verschillende porties kan worden verdeeld, zodat het aangenaam is om er naar te kijken. Let daarbij wel op dat het grid de fundering is om de inhoud te structuren, maar dat het voldoende flexibel blijft om de (verschillende) inhoud te kunnen verwerken.

Het Grid is te onderscheiden in een verticaal grid en een horizontaal grid.
Het verticale grid is eigenlijk niets anders dan het indelen van het papier in verschillende kolommen en de tussenruimte tussen deze kolommen.
Het horizontale grid bevat drie punten:
  • - het lettertype of lettersoort dat je gaat gebruiken
  • - de grootte van de letter
  • - de afstand tussen de regels.

  • Deze drie onderdelen vormen de basis voor het vaststellen van het horizontale grid.



    Uitgangspunt bij het vaststellen van het verticale grid is het formaat van het papier. Het maakt natuurlijk nogal wat verschil of je A4, A3 (tabloid) of A2 (broadsheet) gebruikt voor je publicatie. Een A4-formaat papier indelen in zes kolommen levert natuurlijk een weinig leesbare tekst op. Een A2-formaat papier indelen in zes of zelfs acht kolommen daarentegen is heel gebruikelijk en goed leesbaar. .



    Deze onderverdeling in halve kolommen moet zorgen voor een grotere flexibiliteit van het (ontwerp van het) grid. Er zijn zo meer combinaties mogelijk om de informatie vorm te geven. Dit is vooral handig bij de in de VS veel gebruikte mugshots.


    'Mugshots' van Bill Gates en Mohammed B. (Telegraaf)


    Mugshots zijn de kleine pasfoto-achtige of politiedossier foto's van personen. In Nederland zien we dat De Telegraaf dit soort foto's ook vaak gebruikt.

    De meeste Nederlandse kranten (die in broadsheet verschijnen) gebruiken meestal een verticaal grid met acht kolommen. Door de opkomst van het tabloidformaat is een grid met vijf kolommen populair geworden.


    Het verschil in opmaak van Het Parool als broadsheet (A2) en Tabloidformaat (A3)



    Amerikaanse dagbladen laten eerder een voorkeur zien voor vijf of zes kolommen. Veel Amerikaanse kranten zijn ook smaller dan Europese kranten.




    Een ander belangrijk punt bij het maken van een verticaal grid is de hoeveelheid tussenruimte die wordt gebruikt tussen de kolommen. Over het algemeen is het zo dat het gebruik van meer "witruimte" tussen de kolommen de leesbaarheid ten goede komt en meer nadruk legt op de verhalen/ artikelen.
    Witruimten worden op de redactie echter niet altijd juichend ontvangen, omdat dit ten koste gaat van de redactionele ruimte.

    In de voorpagina van de Volkskrant hierboven zie je dat verticale grid uit 8 kolommen bestaat. Let echter op de twee kolommen helemaal rechts. Daarin wordt met de verticale grid gespeeld. De meest rechtse is eigenlijk een halve kolom en die daar links van 1,5 kolom. De regels voor de grid liggen dus niet vast. Een goede designer kan er mee spelen, juist omdat het - zoals hierboven met het landkaartje en het weerbericht - functioneel is om van de strakke vorm van acht kolommen af te wijken.

    Samenvattend kunnen we stellen dat het horizontale grid wordt gevormd door het lettertype, de grootte ervan en de afstand tussen de regels. Het horizontale grid wordt in zijn vrijheid voornamelijk beperkt door het papierformaat. Hierboven zijn slechts aandachtpunten genoemd, waarmee rekening gehouden dient te worden bij het maken van een grid. Vaste regels of wetten zijn niet te noemen. Dit wordt duidelijk als je verschillende kranten (en het onderliggende grid waarop ze gebouwd zijn) naast elkaar legt.
    "One of things that seperates mediocre design from very good design is the use of the grid. The grid to a designer is like sharp tools to the woodcrafter. You can't see them in the finishing product, but the quality shows in the craftmanship"

    Typerende vormgevingskenmerken van kranten
    Er geen vaste theorie over het vormgeven van kranten. Of zoals de vormgever Mario Garcia (onder andere verantwoordelijk voor de nieuwe vormgeving van Het Parool) zegt:
    "Our newspaper design process is not derived from any formula or particular style. There are no theories of newspaper design. Newspaper design is deeply rooted in practical realities and is more organic than any abstract theoretical process. Newspapers must fit in with their city, their readers, and the communities they serve. Each newspaper must have its own identity and personality".
    Toch zijn er een aantal belangrijke kenmerken die het uiterlijk van de huidige (moderne) kranten bepalen. Een aantal van die kenmerken hebben we bij de historische ontwikkeling, zoals hierboven beschreven, reeds gezien. Hier zullen we er wat verder op ingaan.
    De "traditionele" opmaak heeft plaatsgemaakt voor een "moderne" lay-out. Deze moderne opmaak wordt gekenmerkt door "readability, clarity, organization order" (Barnhurst and Nerone, 1991). Dit komt vooral tot uiting in horizontale lay-out, het gebruik van vereenvoudigde koppen, van veel visuele elementen en een duidelijke organisatie (beter is misschien te spreken over hiÎrarchie) op de pagina. Hoewel het onderzoek van Barnhust and Nerone (1991) zich richt op kranten in de Verenigde Staten zijn een aantal van de hierboven beschreven kenmerken ook duidelijk van toepassing op de Nederlandse kranten.

    'Verticale' opmaak uit 1930 (links) en 'Horizontale' opmaak uit 1980 (rechts)

    Als je de bovenstaande opmaak van de NRC van 7 september 1930 vergelijkt met het NRC-Handelsblad van 30 april 1980 wordt duidelijk dat ook voor de Nederlandse situatie geldt dat kranten al geruimte tijd horizontaal worden opgemaakt. Artikelen worden "verdeeld" over meerdere kolommen in plaats van slechts één kolom. Hierdoor is s prake van 'horizontale' lay-out. Ook is te zien dat in deze Nederlandse kranten niet minder maar juist meer kolommen worden gebruikt. Toch lijkt door de horizontale opmaak dat het aantal kolommen is afgenomen waardoor het NRC-Handelsblad een overzichtelijke uitstraling heeft gekregen. De horizontale opmaak maakt het tevens mogelijk de kop over een groter aantal kolommen te verdelen, waardoor er minder vaak sprake hoeft te zijn van een zogenaamde stapelkop. Het aantal "decks" van de gemiddelde kop neemt af, maar het gevolg is dat de gemiddelde lengte van de kop juist toeneemt, waardoor er meer nadruk op de kop kan worden gelegd.

    Het meest opvallende verschil tussen de horizontale en verticale opmaak is dat er sprake is van een duidelijke organisatie of hierarchie op de pagina. Barnhurst and Nerone (1991) verklaren dit door te zeggen dat
    "the direction of change was toward making the front page a more efficient map of the news for readers. The front page of 1885 was a dense jungle of diversity, randomness and complexity, leaving it to the reader to make sense ‚ or draw a map ‚ of the world. Gradually, newspapers lost the habit of placing dozens of stories on the front page in narrow columns. The contemporary front pages are far more tightly structured and sparsely populated; they also bear frequent evidence of the newspaper's concern to map the world for its readers".
    De belangrijkste functie voor de "moderne" krant is kortom dat de krant (of zijn vormgeving) als het ware functioneert als een plattegrond voor de gebruiker/ lezer. Een mogelijke reden voor deze functie van de krant is in de inleiding reeds gegeven. De krantenlezer van tegenwoordig is niet zozeer een lezer, maar meer een "scanner". De krant neemt de lezer bij de hand en leidt hem door de krant naar de voor hem interessante artikelen.

    De lezer als scanner wordt meer en meer bediend
    "The first thing we need to understand is how people read. Actually, they don't. They scan"
    (John Miller, www.Garcia-Media.com)
    Steeds meer en verschillende media vragen om de gelimiteerde aandacht van de mediagebruiker. Er moeten dus onherroepelijk keuzes worden gemaakt. Want zoals Richard Saul Wurman stelt:
    "A weekday edition of the New York Times has more information than the average person was likely to come across in a lifetime in 17th century England".
    In een periode waarin het informatie-aanbod groot en tijd schaars is, is het logisch dat mensen op zoek gaan naar informatie die voor hen interessant of relevant is; scannen wordt in de hand gewerkt. We hebben het woord 'scanner' nu al een aantal keren laten vallen, maar wie of wat is een scanner?
    "The scanner is the person who reads headlines, looks at photos and reads cut lines, and summaries. The person we call the multi-tasker, who needs something smaller. A scanner is characterized by impatience. The sort who only looks at pictures and reads anything that's 12-point or bigger, is used to clicking and scroling online - and does that on the printed page as well" (Mario Garcia)
    Uit deze beschrijving van de huidige krantenlezer valt af te leiden dat dit soort "leesgedrag" directe gevolgen heeft voor het uiterlijk van de krant. De aandacht van een scannende lezer gaat vooral uit naar foto's en headlines (koppen). Verder leidt het ongeduldige karakter ertoe dat de voor de scannende lezer relevante informatie makkelijk te vinden moet zijn.


    De Telegraaf van 4 december 2004: voer voor scanners


    De scannende lezers moet makkelijk door de krant kunnen navigeren, op zoek naar de voor hem of haar interessante artikelen. De krant moet als plattegrond fungeren, waardoor de "scannende" lezer makkelijk zijn weg kan vinden. Een moderne krant biedt een "scannende lezer" dan ook voldoende mogelijkheden, zoals uit de hierboven reeds gegeven beschrijving van de geÎvolueerde krant valt op te maken.
    "Effective content presentation makes it immediately obvious what is available and where to quickly find it`The clearer you can present the stuff readers want or an amazingly simple path to it, the more satisfying their experience will be"
    In de Nederlandse dagbladen vinden we een groot aantal verschillende navigatiemiddelen die het vinden van de (relevante) informatie eenvoudig moeten maken. Hieronder zullen we een aantal van deze hulpmiddelen laten zien.

    Navigatiebalk en -ladder uit de Volkskrant

    Verder is luiheid een andere veel gehoorde kwalificatie over het (lezers) publiek. Je zou echter ook kunnen zeggen dat de lezer druk, druk, druk is waardoor de behoefte aan media die informatie selecteren, ordenen en bewerken toeneemt. De krant is zo'n medium die voor het publiek selecteert, ordent, uitlegt en vervolgens op een professionele manier presenteert. Kranten bevatten buitengewoon veel informatie die je al scannend kunt selecteren op de persoonlijke relevantie. Televisie en radio presenteren je veel meer jun (beperkte) selectie. Internet ontbeert daarentegen veelal een journalistieke hand. Alles is te vinden maar ook alles is vooralsnog even relevant. De populariteit van goede zoekmachines als Google is daarom ook goed te verklaren.

    Zowel voor de scannende lezer als voor de "luie c.q. drukke" lezer (in hoeverre verschillen ze van elkaar?) geldt dat de vormgeving van de huidige kranten aan de wensen voldoet. Door informatie te selecteren, ordenen, bewerken en overzichtelijk te presenteren kunnen beide deze lezers met de krant uit de voeten. Hieronder een paar voorbeelden van beslissingsmomenten waarop de lezer kan besluiten het verhaal te lezen of verder te zoeken naar een interessanter artikel.

  • Navigatiemiddelen om snel de gewenste informatie te vinden
  • Voorpagina met het belangrijkste nieuws van de dag. Traditiegetrouw bevindt de "opening" van de krant (het belangrijkste nieuws) zich linksboven op de pagina.
  • Grote koppen om belangrijk nieuws aan te geven. Daarnaast geven de koppen relatief veel attenderende informatie die weinig inspanning kost. De lezer kan daarna zelf beslissen of het hele artikel gelezen wordt of niet.
  • Foto's om belangrijk nieuws te benadrukken.
  • Artikelen zijn zo opgebouwd dat het belangrijkste nieuws aan het begin van het artikel te vinden is. Is de informatie voldoende (of toch niet relevant), dan kan de lezer besluiten niet verder te lezen.
  • Niet alle artikelen zijn even belangrijk. De krant kan dit aan de lezer communiceren door de grote van het artikel en de plaats in de krant waar het artikel gepubliceerd wordt.


  • Scannen: het gebruik van foto's
    Iedere (voor)pagina van een krant laat wel één of meer foto's, wel of niet in kleur, zien. Krantenfoto's worden vaak groot afgedrukt en zijn daarom ook vaak beeldbepalend voor het uiterlijk van de krant. Vaak is deze foto boven de zogenaamde "vouw" van de krant te vinden. Een logische plaats, zeker voor kranten die het moeten hebben van de losse verkoop in de kiosk. De kranten liggen dan zo gestapeld dat de foto een blikvanger op de pagina wordt. Zogenaamd "eye-tracking-research", onderzoek waarbij de bewegingen van de ogen worden geregistreerd terwijl de persoon ergens naar kijkt, heeft aangetoond dat voor de meeste lezers geldt dat het eerste element waar op een pagina naar wordt gekeken de foto (en graphics) is. De foto vormt een ingang.


    (Bron: http://www.namahn.com/ resources/documents/note-eyetracking.pdf)


    Proefpersoon die het eye-track onderzoek ondergaat.
    Deze foto is genomen tijdens het onderzoek uitgevoerd
    door het Poynter Institute (1991)
    Bron: http://www.poynter.org


    Veel kranten geven de voorkeur aan één dominante foto op de voorpagina (zoals bijvoorbeeld de Volkskrant). Andere dagbladen, zoals de Telegraaf, worden weer gekenmerkt door het gebruik van meerdere grote en kleine foto's op de voorpagina. Ook hier geldt weer: een vaste (goede) regel is niet te geven.
    VolkskrantTelegraaf


    Vaak kiezen kranten ervoor om slechts één foto te gebruiken, omdat bij het gebruik van vijf of zes foto's (waar er niet één echt uitspringt) de ogen over de pagina blijven rollen ("You must give the reader a reason to stop and look at the page"). Bij het gebruik van meer visuele elementen zorgt men er doorgaans voor dat slechts één visueel element dominant op de pagina komt. Mario Garcia noemt het gebruik van een dominant visueel element (het kan ook een zogenaamde infographic zijn) een "center of visual impact", kortweg CVI.
    Een dergelijke CVI betekent dat één visueel element op de pagina ongeveer drie keer groter moet zijn dan de (eventueel) andere visuele elementen op de pagina. Dit visuele element moet de lezer de krant als het ware intrekken. "A CVI is essential and is the simpliest formula to guarantee a sense of proportion and balance, and to ensure design succes" ("When a reader opens the paper or magazine, one visual element should immediately attract her eye"). Anderen zijn de mening toegedaan dat meer visuele elementen de lezer ook meer mogelijke ingangen biedt en kiezen daarom voor het plaatsen van meer visuele elementen in de kolommen van de krant.

    De wijze van kadreren van een foto is nogal eens onderwerp van een polemiek. Is het toeval dat de fotograaf (in militaire outfit) op de eerste foto buiten uit het kader is gehouden?



    Merk overigens op dat de perforaties boven en onder de rechterfoto als een teken voor authenticiteit gebruikt worden. Dat valt des te meer op omdat de auteursrechteninformatie aan de perforatiestrook zijn toegevoegd.

    Op de onderstaande link vind je regels zoals die in de fotojournalistiek gebruikt worden voor het (bij)snijden van foto's. Sizing Photos

    Foto's hebben een belangrijke functie als aandachttrekker binnen een krantenpagina. Naast de informatie op de foto wordt vaak ook nog aanvullende informatie geboden in de vorm van een fotobijschrift. Meer informatie over fotobijschriften voor zelfstandige en niet-zelfstandige foto's en de betrouwbaarheid van een foto die je kunt afleiden uit de credits vind je via de volgende link: Foto: bijschrift en credits.


    Infographics

    "Of all the jobs created in the newspaper industry in the past 100 years, the graphics editor is perhaps the most innovative and daring. Here is an editor who moves between words and visuals and has become a vital part of the newsroom of the 1990s"
    (Finberg & Bruce in Munk, 1992, p. 6)

    In 1989 startten zowel het ANP als Associated Press met het maken van zogenaamde "infographics". De graphic kan gezien worden als antwoord van de kranten op een steeds visueler ingesteld publiek, sinds de komst van de televisie. "Veel lezers vinden het prettig naast alle geschreven informatie ook langs visuele weg het nieuws aangereikt te krijgen" (Van Gessel, 1995, p. 86).

    Een infographic is eigenlijk niet meer dan een geïntegreerd geheel van tekst en beeld (tekening of foto), waardoor lezers een aantrekkelijk ogend 'plaatje' voorgeschoteld krijgen. De graphic geeft informatie in één oogopslag.
    Om een plaats in de kolommen te veroveren moet een graphic meerwaarde hebben, moet toegevoegde waarde hebben in vergelijking tot of in combinatie met een artikel. Omdat een graphic de informatie snel en doeltreffend moet kunnen communiceren is de kunst bij het maken van een infographic dat idee en uitwerking simpel en doeltreffend met elkaar verbonden zijn. Het belangrijkste idee is dat het gaat om nieuws in beeldvorm. Soms worden infographics zo opgetuigd met toeters en bellen dat de lezer er geen wijs meer uit kan worden. Een goede infographic laat in één oogopslag de essentie van de informatie zien, schrijft van Gessel (p. 86).


    Een de bekendste infograhics

    Tufte (2001) komt tot de volgende drie "principes van grafische excellentie":

    (Edward R. Tufte, The visual display of quantitative information (second edition), Graphics Press, Cheshire, Connecticut, 2001)

    Voor Tufte (2001) is een goede graphic een plaatje dat duidelijk en helder communiceert. Munk (1992) daarentegen heeft het liever over een goede balans tussen picture- en informational value bij het oordelen over een kwalitatief hoogwaardige infographic. Munk legt daarbij een link naar producten in de supermarkt:

    "If we have bought a certain product because it was appealingly wrapped, then we expect the contents to correspond to the temptation of the wrapping. If the busy newspaper reader spends time to study a graphic, then the amount and quality of information should match what the picture value signalled. Any informational graphic should thus have a balance between picture and informational value"
    (Munk, 1992, p. 22).

    Een plaatje moet naast het leveren van duidelijk gestructureerde informatie ook visueel aantrekkelijk zijn voor de lezer, zodat een mogelijke ingang in de pagina wordt gecreeërd. Onderzoeksresultaten (Stark & Hollander in Munk, 1992) laten zien dat lezers zich eerder aangetrokken voelen tot visueel aantrekkelijke graphics. Belangrijker daarbij is nog dat "decoration does not reduce the informational value significantly when used moderately. And the interest for, as well as the understanding of, an action increase when the story is accompanied by visual elements (combined graphics and photo have the best effect)" (Munk, 1992, p. 22). Less is more gaat niet altijd op, het blijft zoeken naar een goede balans.

    Onderstaande link laat een groot aantal fraaie voorbeelden zien van infographics die Megan Jaegerman maakte voor de New York Times. Enkelen worden door Tufte van commentaar voorzien.

    Infograhics van Megan Jaegerman




    Koppen

    Newspaper consultant Terry Quinn makes editors write the headline before the story.
    This is the most important piece of content on the page. It's what every reader sees first.
    If it works, they'll read more.
    (John Miller, www.Garcia-Media.com)


    Koppen of headlines zijn naast foto's de andere belangrijke blikvanger op de pagina. Ze worden meestal groot afgedrukt. Headlines wijken onderling vaak af in grootte, dit om accenten te leggen op het belang van het ene of het ander bericht. Vrijwel altijd worden koppen in een afwijkende lettergrootte (points) gedrukt in vergelijking met de broodtekst. In de tekst vind je vaak nog tussenkopjes, vaak in dezelfde grootte als de broodtekst maar ze staan geïsoleerd op een regel. Tekstblokken, vaak bestaand uit citaten uit het bericht of het interview, hebben een soortgelijke functie: attenderen op het bericht. Naast het feit dat koppen, tussenkoppen en tekstblokken voor een krant beeld- of gezichtsbepalend zijn, vervullen ze vooral de functie van aandachttrekkers voor de scannende lezer.
    Het feit dat de scannende lezer (ook wel koppensneller genoemd) vaak alleen de koppen gebruikt bij het lezen van de krant, valt te verklaren uit de hoge communicatieve waarde van de huidige generatie krantenkoppen. Meer over koppen vind je in als je klikt op de volgende link: Je vindt daar een korte bespreking van het onderzoek van Daniel Dor (2003) waar in de communicatieve kracht van "Koppen" centraal staat. Dor laat in dit onderzoek zien waarom koppen voor een moderne krant van zo groot belang zijn. Ze geven de meeste informatie voor de minste (cognitieve) inspanning. Ideaal voor de huidige generatie krantenlezer.

    Meer informatie over koppen vind je als je klikt op de volgend link: Communicatieve kracht van koppen waarbij aandacht wordt besteed aan de functie van koppen in de.

    Tot besluit van deel 1, en hoe kranten vormgegeven (kunnen) worden om zo goed mogelijk bij de behoeften en wensen van de lezer aan te sluiten, een kort lijstje met 'Design do's and dont's'.

    Design do's and dont's uit de praktijk

    Een klein opsommend lijstje met een aantal kenmerken waarop volgens de 'deskundigen' gelet moet worden bij het vormgeven van een (kranten) pagina.

    Naar de inhoud
    Duidelijk is dat de huidige dagbladlezer (bijna) nooit meer de hele krant van A tot Z leest. De krant maakt het voor de lezer dan ook makkelijk snel de artikelen te vinden die hem of haar interesseren. De manier waarop dit gebeurt hebben we hierboven uiteengezet. Toch ontleent de krant nog steeds zijn bestaansrecht aan de artikelen die erin gepubliceerd worden. Zonder informatie is er geen krant (misschien hooguit een plaatjesblad). Daarom zullen we in deel 2 aandacht besteden aan de journalistieke inhoud van de krant. De verschillende genres zullen worden omschreven met hun kenmerken en zoveel mogelijk worden geïllustreerd met voorbeelden.

    Literatuur:
    Barnhurst, K. & Nerone, J. (1991). Design trends in U.S. frontpages, 1885-1985. Journalism Quarterly, 68 (4), 796-804.
    Broersma, M. (2004). Vormgeving tussen woord en beeld; de visuele infrastructuur van Nederlandse dagbladen, 1900-2000. Tijdschrift voor Mediageschiedenis, 7 (1), 5-32.
    www.cebuco.nl
    www.garcia-media.com
    www.poynter.org