Tot 1945: De Verticale Opmaak

In de beginjaren van de dagbladindustrie waren de meeste kranten voorbehouden aan de "ontwikkelde lezer" oftewel, de rijken. Broersma (2004) beschrijft dat het niet nodig werd geacht om de lezer bij de hand te nemen en hem door middel van de presentatie van het nieuws duidelijk te maken wat belangrijk was en wat minder. Dat kon de ontwikkelde lezers immers heel goed zelf bepalen. Gevolg was dat de krant één grote grijze brij van teksten werd. De krant werd als een worst volgestopt.


De 'grijze' vormgeving van de eerste kranten.


Alles lijkt even belangrijk.
Dit was ook een gevolg van de manier waarop kranten in die tijd technisch werden "opgemaakt". Door de beperkte technische mogelijkheden in die tijd (van computers had men toen natuurlijk nog niet gehoord) werden kranten gedrukt met behulp van loden letters. Deze letters werden samengevoegd tot regels en vervolgens tot kolommen. Deze werden aan een opmaaktafel (de steen) in een ijzeren vorm ter grootte van een pagina (het raam) gepast. Om dit proces zo eenvoudig mogelijk te houden werden de kolommen van boven naar onder volgestopt met tekst, de zogenaamde 'verticale opmaak'. Deze opmaak maakte het heel lastig om snel te zien waar een nieuw bericht begon, laat staan waar het over ging. Soms werd het de lezer makkelijker gemaakt, door berichten van elkaar te scheiden met behulp van een kort lijntje of gespatiëerd beginwoord.
Een fraai overzicht van historische kranten teruggaand tot 1656 waaraan deze voorbeelden zijn ontleend, is te vinden op Historische Kranten.
Omdat men dacht dat de lezer geïnteresseerd was in alles, was er van nieuwsselectie geen, of in ieder geval weinig, sprake. "De nieuwswaarde van een bericht was niet van belang voor de plaats in de krant" (Broersma, 2004, p. 9).


De troonsbeklimming van Willem II in het Algemeen Handelsblad van woensdag 7 october 1840.
Links: hele pagina, rechts uitvergroot detail.


Het belangrijkste eerst.
Tegenwoordig "zien" we in de krant aan de plaats en vorm van het bericht wat belangrijk nieuws is (of zou moeten zijn) en wat als minder belangrijk nieuws beschouwd kan worden. Er wordt voor ons geselecteerd. Deze selectie werd in de periode 1900-1945 als zeer verwerpelijk beschouwd. Het toekennen van gewicht aan de verschillende artikelen wordt het 'Angelsaksische systeem', of ook wel het 'Amerikaansche stelsel' genoemd. De lezer kon zo in één oogopslag zien wat het voornaamste nieuws was. Dit werd in Nederland gezien als het grote gevaar van deze ordening. Allicht werd de lezer zo afgehouden van het systematisch nagaan van al het overige nieuws. Bovendien werkte het in de hand dat men bij gebrek aan zeer belangrijke zaken, minder belangrijke tot zeer gewichtige bombardeerde. En dat zou al snel leiden tot sensatiezucht, een eigenschap waarmee Nederlandse kranten niet wilden worden geassocieerd (Broersma, 2004, pp. 9-10). Toch zou snel blijken dat het 'Angelsaksische model' de (nabije) toekomst zou betekenen voor de Nederlandse dagbladen.



De illegale "Metro" doorbrak de verticale vormgeving en gebruikte cartoons.

Onder aanvoering van 'De Telegraaf', die als eerste krant in Nederland de emotioneel betrokken stijl van het 'Angelsaksische model' ging overnemen, gingen steeds meer kranten overstag. Niet in de laatste plaats vanwege het grote succes van 'De Telegraaf'. Het gebruik van koppen werd ingevoerd en artikelen werden over meerdere kolommen verdeeld (de verticale opmaak werd doorbroken). En 'het belangrijkste nieuws' kreeg een prominente plaats. Onder toenemende onderlinge concurrentie, maar ook door concurrentie van geïllustreerde tijdschriften en de radio, zagen de dagbladen zich genoodzaakt de lezer meer waar voor zijn geld te bieden. Dagbladen namen in omvang toe en steeds interessegebieden werden ontsloten. "Bij al deze overdaad kwam de notie dat het dagelijks leven steeds 'sneller' leek te gaan...Nederlandse kranten realiseerden zich dat zij hun lezers bij de hand moesten nemen en door de kolommen moesten leiden" (Broersma, 2004, pp. 11-12). Inhoudsopgaven werden geïntroduceerd, rubriekshoofdjes werden vaker in overzichtelijke balkjes geplaatst en de berichten werden duidelijker van elkaar gescheiden door het gebruik van lijntjes, bolletjes en andere scheidingstekens. "Hierdoor nam de hoeveelheid 'wit' op de pagina aanzienlijk toe. Het zorgde voor meer lucht in de opmaak" (p. 12). De Nederlandse dagblad pers had hiermee al een groot aantal kenmerken van het eerste zo vergruisde 'Angelsaksische model' overgenomen. Dagbladmakers kwamen tot de conclusie dat de 'Angelsaksische opmaak' in zijn uitwassen weliswaar goedkoop en sensationeel was, maar dat de kenmerken toch ook goed pasten bij de eisen van de moderne, drukke tijd. Het 'Angelsaksische model' was uiterst efficiënt; de lezer kon in één oogopslag zien wat belangrijk was.
Ook tegen het plaatsen van foto´s in de krant bestond in deze jaren veel weerstand. Het afdrukken was een lastig, traag en kostbaar proces. Technische was het mogelijk sinds 1880, maar de eerste foto´s verschenen pas in 1890 in de krant. Foto´s werden hier en daar eens geplaatst en veel kranten gingen met grote tussenpozen over op het (sporadisch) afbeelden van foto´s. Daarnaast appelleerde het beeld aan de emotie van de lezer, wat zou leiden tot oppervlakkigheid en sensatie.


Foto's van oorlogsmisdadigers maar pas op pagina 3.


Ook voor deze zucht naar sensatie van het volk gold dat ze steeds meer in de krant werd geaccepteerd onder toenemende druk van concurrentie van de geïllustreerde tijdschriften. "Zij genoten een grote populariteit als lectuur voor de hele familie" (Broersma, 2004, p. 14). Ook in de acceptatie van de fotografie in de krant liep 'De Telegraaf' voorop, andere kranten volgenden, niet altijd van harte, het voorbeeld. Broersma (2004) stelt dat "al vonden veel journalisten foto's cultuurbedervend en de fotopagina een bagatel, de lezers stelden er veel belang in. (...) Het beeld kon hier in minder tijd veel meer vertellen dan een beeldende beschrijving. Bovendien paste het in de tendens om de krant beter inzichtelijk te maken voor de lezer".

1945 - 1985: Het Angelsaksische model


Naar een levendiger vormgeving:
De NRC van 2 augustus 1990


Zoals de kop van deze paragraaf al doet vermoeden gaat de Nederlandse (dagblad)journalistiek zich na 1945 zich steeds meer richten op het 'Angelsaksische model'. De nadruk komt te liggen op nieuwsselectie. Het gaat niet langer om slechts registreren, maar selecteren. Broersma (2004) noemt als een van de redenen de papierschaarste. Bij een beperkte omvang van de krant gecombineerd met een grote naoorlogse nieuwshonger is het zaak scherp te selecteren en bondig te schrijven. Daarbij geldt dat nieuwsberichten 'oprolbaar' (zie deel 2) moeten zijn en dat ze voorzien moeten worden van koppen en een goede lead, dit om de berichten op een overzichtelijke manier aan de lezer te presenteren.
De aandacht voor het selecteren van nieuws heeft ook directe gevolgen voor het uiterlijk, of de opmaak, van de Nederlandse dagbladen. Het 'Angelsaksische model' wordt volledig doorgevoerd. Dit betekent dat het belangrijkste nieuws prominent gepresenteerd wordt. Dat geldt niet alleen voor de voorpagina, maar ook voor de andere pagina's. De 'verticale' opmaak wordt ingewisseld voor een meer 'horizontale' opmaak (afgewisseld met verticale elementen, zoals we dat nu nog kennen). "Artikelen werden nu gezet over meerdere kolommen, in een blok of L-vorm, en afgewisseld met éénkoloms 'stoppers' (korte berichtjes)" (Broersma, 2004, p. 20). Koppen krijgen binnen het 'Angelsaksische' model meer aandacht. Koppen moeten het nieuws samenvatten én aantrekkelijk zijn. Lezers moeten zich aangetrokken voelen tot de kop en zo het artikel gaan lezen. Onder de kop wordt een 'lead' (zie deel 2) geplaatst, die antwoord moet geven op de belangrijkste nieuwsvragen en zodoende het nieuws voor de lezer samenvatten. "Artikelen werden daarnaast ook steeds vaker geïllustreerd met foto's, kaarten of tekeningen...Hierdoor werd zowel de informatiewaarde als de aantrekkelijkheid van een bericht verhoogd" (p. 20).
De definitieve overstap op het 'Angelsaksische model' vereist ook een aanpassing van het lezerspubliek. "Nieuwswaardigheid als ordeningsprincipe was enerzijds handig, maar veronderstelde anderzijds ook een grotere intellectuele inspanning; de nieuwsconsument moest zich verplaatsen in de gedachtegang van de redactie" (p. 20). De redactie besloot voortaan immers voor de lezer wat belangrijk was en wat niet.

1985 - 2000: Van opmaak naar vormgeving


De Telegraaf van 3 en 21 november 2004


In deze laatste periode worden de kranten verder geperfectioneerd. Het werk dat in de voorgaande twee perioden is gestart wordt verder doorgevoerd. Dit onder druk van twee factoren: technische vernieuwingen en concurrentie tussen kranten maar vooral ook met andere media.
Het lood dat vanaf de begin jaren werd gebruikt voor het drukken van letters op papier wordt vervangen door het fotografisch zetten en het fotografisch zetten wordt op zijn beurt snel vervangen door het digitaal zetten. Dit tengevolge van de invoering van computers op de redactie, halverwege de jaren 1980. De computer maakt een creatieve, maar gestandaardiseerde opmaak mogelijk. Gevolg is dat kranten een rustiger uiterlijk krijgen en dagelijks een (bijna) identieke indeling mogelijk is. Eisen die tegenwoordig gesteld worden aan kranten. Net als in de audiovisuele industrie zien we hier het belang van een strak 'format' terug.

Beeldelementen
Door de nieuwe technieken kunnen kwalitatief hoogwaardige foto's worden afdrukt, zelfs in kleur. Dagbladlezers gaan in het televisietijdperk het beeld steeds meer waarderen. Het aantal beeldelementen in de dagbladen stijgt sterk. Op deze manier denken de kranten vooral aantrekkelijk te blijven voor een jong(er) publiek. Deze ontwikkeling van een beeldcultuur in kranten heeft zich doorgezet.


Invloed commercie op de 'voorpagina' van "Metro" (links)
De redactionele voorpagina staat op pagina 3 (rechts).


Naast de grote aandacht voor fotografie, wordt tegenwoordig nog meer aandacht besteed aan het aanleggen van een duidelijk visuele infrastructuur. In een oogopslag moeten lezers kunnen vinden wat ze zoeken. Helderheid en overzichtelijkheid zijn de kernwoorden van de vormgevers.

Helder en overzichtelijk
Deze overzichtelijkheid wordt op een aantal manieren gerealiseerd. Kranten gaan gebruik maken van een opmaak over acht kolommen. Artikelen op een pagina krijgen elke dag globaal dezelfde plaats en vorm. Korte berichten, die voorheen werden gebruikt om gaten te stoppen, worden bij de meeste kranten ondergebracht in een kolom (de zogenaamde 'ladder') aan de zijkant. Kranten gaan ook steeds meer gebruik maken van een index. Onder de kop wordt een balk geplaatst met daarin een aantal 'aankeilers', geïllustreerd met (kleine) foto's.


NRC in 1998 met ladder maar nog zonder menu (links) en met ladder en menu in 1999 (rechts)


Kranten zijn geëvolueerd door technische vernieuwingen en ecomische factoren variërend van papierschaarste tot concurrentie. Naast onderlinge concurrentie heeft met name de strijd met andere media (tijdschriften en televisie) de krant een ander aanzien gegeven. Kranten zijn aantrekkelijker en overzichtelijker gemaakt door de visuele infrastructuur. Een infrastructuur die nodig is om de huidige krantenlezer bij de hand te nemen en door de krant te leiden op zoek naar de voor hem of haar interessante informatie in een zo kort mogelijke tijd. Je zou kunnen zeggen meer toegesneden op de huidige generatie "scanners".
In het volgende deel: De Moderne Krant werken we een aantal syntactische kenmerken van de hedendaagse krant verder uit.